Omschrijving
Weg van de strijd in familiale conflicten – De familierechtbank en de balie van Antwerpen kiezen samen voor een andere manier van procesvoering in familiezaken
Jaargang
2021 - 2022 (85)
Pagina
1650
Auteur(s)
A. Laureyssens, A. Wynants
Trefwoorden

BEVOEGDHEID EN AANLEG / Materiële bevoegdheid / Familie- en jeugdrechtbank

BEVOEGDHEID EN AANLEG / Materiële bevoegdheid / Familierechter

Bijkomende informatie

Actualiteit

Coördinatie: Vincent Sagaert en Dirk Scheers

Weg van de strijd in familiale conflicten - De familierechtbank en de balie van Antwerpen kiezen samen voor een andere manier van procesvoering in familiezaken

Op zondag 15 mei 2022 was het de Internationale Dag van het Gezin. Voor velen een dag om te vieren, maar niet voor iedereen. Helaas zijn er nog te veel kinderen die dagelijks gebukt gaan onder een loyaliteitsconflict, omdat in hun gescheiden gezin stress en vooral strijd heersen.

Ouders beseffen vaak niet wat de impact van deze strijd is op hun kinderen. Deze impact is in vele gevallen bijzonder groot. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat kinderen die heen en weer geslingerd worden in ouderconflicten, even zwaar getraumatiseerd kunnen zijn als kinderen die het slachtoffer worden van fysiek geweld.

Deze kinderen zijn het best geholpen als deze strijd stopt. En hoewel ouders er vaak van overtuigd zijn dat een vonnis in hun voordeel een einde zal maken aan hun conflict, is de realiteit vaak helemaal anders. In vele gevallen wordt de strijdmodus alleen maar aangewakkerd op een «pleit»zitting waar ouders tegenover elkaar staan als eiser en verweerder en waar ze na schriftelijk hun argumenten op papier gezet te hebben, uitgebreid pleiten waarom ze «gelijk» hebben. Na een vonnis volgt er al snel weer een nieuw conflict, of er ontstaat discussie over de uitvoering ervan. Kinderen worden zo soms jarenlang geconfronteerd met ruziënde ouders.

De familierechtbank in Antwerpen wil daarom deze procedurementaliteit veranderen. Pleiten moet in familiale zaken de uitzondering worden, en niet de regel. Op de inleidingszittingen wordt sterk ingezet op het stimuleren en ondersteunen van ouders om de dialoog nog een kans te geven. Ouders die samen tot een oplossing willen komen met hulp van hun advocaten, met hulp van een bemiddelaar of met hulp van professionele hulpverleners, zoals psychologen, worden doorverwezen naar de nieuw opgerichte opvolgkamers. Zolang beide ouders constructief blijven praten, zal de familierechter daar «waken». Zodra er nood is aan een dringende beslissing, kan hij tussenkomen. Dit geeft ouders in vele gevallen de nodige rust en ruimte om alsnog het gesprek aan te gaan. Daarnaast blijft Antwerpen sterk inzetten op de kamers voor minnelijke schikking, waar familierechters het «samenzitten en samen-spreken» faciliteren, vaak met een akkoord tot gevolg.

De Antwerpse balie zet haar schouders mee onder dit verhaal. Als vertrouwenspersoon van de ouders willen de familieadvocaten zich inzetten om - zowel voor als tijdens de procedure - conflictverlagend te werken en met hun cliënten op zoek te gaan naar duurzame oplossingen. Zowel de familierechtbank als de balie willen in familiezaken het strijdmodel verlaten en evolueren naar een participatiemodel, waarbij ouders hun verantwoordelijkheid nemen en hierbij geholpen worden om samen een oplossing te vinden vanuit het belang van de kinderen. Dit belangrijke principe verankerden de rechtbank en de balie samen in een charter, dat daarnaast ook praktische afspraken bevat die het zittingsmanagement efficiënter moeten maken.

Ook met de bemiddelaars, het Openbaar Ministerie en de hulpverlening ging de familierechtbank in gesprek. Vele Antwerpse bemiddelaars zijn bereid gratis kennismakingsgesprekken aan te bieden, die opgevolgd worden op de opvolgkamer. Het Openbaar Ministerie ontwikkelde een nieuw werkproces waarbij in zaken «niet-naleven omgangsrecht» een gesprek op het parket volgt en niet zonder meer een sepot of een dagvaarding. Tot slot wordt onderzocht in hoeverre het (mini)deskundigenonderzoek of het Nederlandse model van de «bijzondere curator» in familiezaken een snel antwoord kan bieden op de vraag welke hulp ouders en kinderen kunnen gebruiken om tot duurzame oplossingen te komen.

Uit de eerste cijfers blijkt dat het project succes lijkt te hebben. Van januari tot en met april stroomde slechts één vijfde van de zaken op inleiding nog door naar een pleitkamer. Dat wil zeggen dat in een meerderheid van de gevallen andere oplossingen gevonden worden, en er alleszins duidelijk meer ingezet wordt op dialoog. Dit zijn hoopgevende cijfers, die sowieso verdere opvolging verdienen. Wordt ongetwijfeld vervolgd!

Annelies Laureyssens
Anneleen Wynants
Familierechters Rechtbank Eerste Aanleg Antwerpen, Afdeling Antwerpen